Afbeelding van Mediamodifier via Pixabay.

 

schrijfster met dyslexie

 

Een slager die vegetariër is, een bakker met een glutenallergie en een schrijfster met dyslexie. Op zijn zachts gezegd vreemde combinaties, maar in het laatste geval ook bijna onmogelijk. En toch bestaat het, daar ben ik het levende bewijs van. Sterker nog, zonder mijn dyslexie was ik waarschijnlijk nooit schrijfster geworden!

 

 

Er is tegenwoordig gelukkig veel hulp en aandacht voor mensen met dyslexie. En de dyslexie wordt gelukkig ook steeds meer op jonge leeftijd ontdekt waardoor hulp sneller opgang komt en de dyslexie het beste aangepakt kan worden. Hoe eerder je geholpen kan worden, hoe minder ingesleten “woordfouten” en “bijzondere” zelf aangeleerde manieren van lezen er in jouw hoofd zitten die ook weer afgeleerd moeten worden.

 

 

Bij mij werd de dyslexie pas op 16 jarige leeftijd ontdekt. Ik ben van de (vorige) generatie waarbij er nog weinig bekend was over dyslexie en het op de basis school ook niet ontdekt werd. Het gevolg is dat je als kind en als tiener je dom voelt. Ik deed drie dubbel zolang over mijn huiswerk als mijn vriendinnen, had lagere cijfers en kreeg mijn proefwerken nooit op tijd af.

Daarbij was mijn dyslexie hoofdzakelijk motorisch van aard. Dit wil zeggen dat mijn oog- handcoördinatie niet zo goed was. Ik zeg altijd maar: “Het bruggetje in de hersenen die aan jou armen of benen doorgeeft wat ze moeten doen, als reactie op wat je ziet of hoort werkte niet automatisch. Zo kon ik geen bal vangen want mijn armen werden niet automatisch gewaarschuwd als mijn ogen een bal aan zagen komen.” De juf die gymnastiek gaf op school vond mij lui, eigenwijs en dom. Je kan wel na gaan hoe graag ik naar de gymnastiek lessen toe ging.

 

Maar zo mijn armen niet in een reflex door kregen waar de bal gevangen moest, zo kreeg mijn hoofd ook de letters die ik las niet automatisch en in de goede volgorde door. Dus lezen werd een puzzel en duurde heel lang.

 

Gelukkig werd er dus op mijn 16de alsnog ontdekt dat ik dyslexie had, beter laat dan nooit laten we maar zeggen. Mijn moeder ging met mij naar therapie. Als eerste werd bij die therapie mijn IQ getest, om te kijken of het echt dyslexie was en of therapie zinvol zou zijn. De uitkomst was een enorme opluchting: mijn IQ zat ruim boven het gemiddelde wat dus inhield dat ik niet dom was wat ik al die jaren had gedacht.

De therapie was niet alleen op de lettertjes gericht, maar begon eigenlijk bij het motorische gedeelte. Met oefeningen leerde ik de reacties van mijn lichaam welke anders automatisch (reflexen) gaan. De bruggetjes die niet automatisch reageerden op wat ik zag of hoorde werden getraind zeg maar. Zo moest ik bijv net zolang oefenen met de bal gooien en vangen tot het automatisch ingeslepen was. En het mooie was dat de dingen die ik “in oefende” later heel sterk ontwikkeld waren, in veel dingen ben je na het “ in oefenen” naar automatisme beter als mensen die het al konden via hun reflexen.

 

Een ander onderdeel van de therapie was rijmen, heel veel rijmen tot je er dol van was. Je hersenen leerden zo de zelfde klanken herkennen. Het rijmen ging over in dichten en zo ging het steeds een stapje verder.

Ik begon plezier te krijgen in het dichten en begon er buiten gewoon goed in te worden. Zo begon ik gedichten te schrijven en binnen de kortste keren had ik een gedichten bundel van 100 grappige creatieve gedichten.

 

Ook mijn fantasie begon zich te ontwikkelen en ik ging steeds foutlozer schrijven. Dat nodigde uit om verhalen te gaan schrijven en mijn fantasie aan het papier toe te vertrouwen. Vanaf dat moment ben ik niet meer gestopt met schrijven. Ik had er zo'n plezier in.

 

Zo werd een meisje met behoorlijke dyslexie schrijfster, is dat niet bijzonder?

 

En dan is het nu 32 jaar later en wordt mijn eerste boek uitgegeven! Er ligt van die 32 jaar nog heel wat op de plank om uit te geven. Eindelijk kan ik met de wereld delen hoe fijn lezen en schrijven is.

 

 

Afbeelding van Fathromi Ramdlon via Pixabay.

 

Of je ooit een vegetarische slager met evenveel passie voor vlees tegen zult komen , als deze schrijfster die dyslexie had met passie voor schrijven, betwijfel ik.

 

Maar er is hoop dyslexie betekend niet dat je dom bent en betekend zelfs dat je er af kan komen en schrijver kan worden!

 

Ik zal nog een paar basis tips met je delen uit mijn eigen therapie:

 

  • Rijmwoorden bedenken, zo oefen je gehoor om te zetten in woorden. Rijmen tot je er dol van wordt. Daag je moeder, broer of vriendin uit wie de meeste rijmwoorden op een bepaald woord kan bedenken.

  • Daarna kan je verschillende woorden die je in groep 3 van de basis school hebt geleerd uitzoeken met verschillende klanken. Bv huis, reus en muur. Als je deze woorden goed oefent en automatisch foutloos kan schrijven, kan je alle woorden met dezelfde klank foutloos leren schrijven. Moet je bv het woord uurwerk schrijven, maar je weet niet of je dat met een ui, eu , ou, au of uu schrijft dan zeg je het woord hardop en kijkt op welk woord de klank lijkt. Als je uurwerk dus uur zegt lijkt de klank op huis, reus of muur? Ja op muur, dus uurwerk schrijf je met dezelfde letters als uit muur!

  • Oefen je oog handcoördinatie (of beencoördinatie) door je handen of benen te laten bewegen op iets wat je ziet of hoort. Dit kan je door een bal te gooien en te vangen, een bal over te schoppen of door piano te spelen. Je zult zien dat het steeds beter gaat.

  • Door hardop te lezen gaat het lezen of schrijven steeds beter. Houd een liniaal onder de zin waar je met lezen bent, zodat je niet continu de zin op hoeft te zoeken.

  • Dansen helpt ook erg goed bij het oefenen van oor/ been coördinatie.

  • Tot slot: Houd vol ook als het in het begin nog niet zo lukt als jij zou willen. En onthoud dat het bij jou een kwestie van “reflexen inoefenen” is. Als je die handeling eenmaal “ingeoefend” hebt ben je in die handeling waarschijnlijk beter als je omgeving. Houd dat voor ogen als je op dreigt tegeven.

  • Ook een spelletje als scrabble of een woordzoeker zijn goede oefeningen. Je bent dan heel erg met de volgorde van de letters aan het oefenen. Je ogen en handen werken daarbij samen. Woordzoekers kun je natuurlijk opbouwen wat moeilijkheids- graat betreft. Je zou uiteindelijk ook zelf een woordzoeker in elkaar kunnen zetten voor je ouders of broers en zussen. Je bent dan zo aan het schuiven en puzzelen met woorden en letters wat geweldig helpt bij het automatiseren van woord herkenning.

  • Geniet van wat je doet, je kunt het!

 

Afbeelding van Wokandapix via Pixabay.